Tevredenheid, Begeerte, Prioriteiten

1. Heiligheid, met tevredenheid is een groot goed.
1 Tim 6:6 - Maar voor wie tevreden is met wat hij heeft, is het geloof grote winst.

2. Leer tevreden te zijn, ant de liefde voor geld brengt ellende.
1 Tim 6:7-10 - Wij hebben niets in deze wereld meegebracht en kunnen er ook niets uit meenemen. Wij hebben voedsel en kleren, laten we daar tevreden mee zijn. Wie rijk wil worden, staat bloot aan verleiding, raakt in een valstrik en valt ten prooi aan dwaze en schadelijke begeerten die een mens in het verderf storten en ten onder doen gaan. Want de wortel van alle kwaad is geldzucht. Door zich daaraan over te geven, zijn sommigen van het geloof afgedwaald en hebben ze zichzelf veel leed berokkend.



3. Blijf weg van de liefde van gedl en weest tevreden.
Heb 13:5 - Laat uw leven niet beheersen door geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd: ‘Nooit zal ik u afvallen, nooit zal ik u verlaten,’

4. Paluus leerde tevreden te zijn, zelfs in de meest moeilijke omstandigheden van het leven
Fil 4:11-13 - Ik zeg dit niet omdat ik gebrek lijd; ik heb geleerd om in alle omstandigheden voor mezelf te zorgen. Ik weet wat het is om gebrek te lijden, maar ook wat het is om in rijkdom te leven. Ik heb alles aan den lijve ondervonden: overvloed en honger, rijkdom en gebrek. Ik ben tegen alles bestand door hem die mij kracht geeft.

5. Tevredenheid leidt tot vrede
Spr 17:1 -Beter een stuk droog brood en vrede dan een huis vol met voedsel en ruzie.

6. Het leven bestaat niet uit hetgaan je bezit
Luc 12:15 - Hij zei tegen hen: ‘Pas op, hoed je voor iedere vorm van hebzucht, want iemands leven hangt niet af van zijn bezittingen, zelfs niet wanneer hij die in overvloed heeft.’

7. De gelijkenis van de rijke dwaas, leert dat het leven meer is dan materiaal bezit
Luc 12:16-21 (De rijke dwaas bewaarde zaken voor zichzelf, maar was niet rijk naar God toe).

8. Laat niet de verleiding van rijkdom, het woord in je leven doen verminderen.
Mar 4:1-20 (Gelijkenis van de zaaier).
Mar 4:7,18-20 - Weer ander zaad viel tussen de distels, en de distels schoten op en verstikten het en het bracht geen vrucht voort.... Weer anderen zijn als het zaad dat tussen de distels is gezaaid: ze hebben het woord wel gehoord, maar de zorgen om het dagelijks bestaan en de verleiding van de rijkdom en hun verlangens naar allerlei andere dingen komen ertussen en verstikken het woord, zodat het zonder vrucht blijft. Maar er zijn ook mensen die zijn als het zaad dat op goede grond is gezaaid: zij horen het woord en aanvaarden het en dragen vrucht, sommigen dertigvoudig, anderen zestigvoudig en weer anderen honderdvoudig.’

9. Dood de (valse) begeerte
Kol 3:5 - Laat dus wat aards in u is afsterven: ontucht, zedeloosheid, hartstocht, lage begeerten en ook hebzucht – hebzucht is afgoderij

10. Vertrouw niet op aardse schaten, maar op de hemelse.
Mat 6:19-21 - Verzamel voor jezelf geen schatten op aarde: mot en roest vreten ze weg en dieven breken in om ze te stelen. Verzamel schatten in de hemel, daar vreten mot noch roest ze weg, daar breken geen dieven in om ze te stelen. Waar je schat is, daar zal ook je hart zijn.

11. Je kunt niet twee meesters dienen
Mat 6:24 - Niemand kan twee heren dienen: hij zal de eerste haten en de tweede liefhebben, of hij zal juist toegewijd zijn aan de ene en de andere verachten. Jullie kunnen niet God dienen én de mammon.

12. Zoek eerst Gods Koninkrijk
mat 6:33 - Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.

13. Zoek geen status, zoals de discipelen dat deden.
Luc 9:46-48 - Ze begonnen onderling te redetwisten over wie van hen de belangrijkste was. Jezus merkte wat hen bezighield en hij nam een kind bij zich, dat hij naast zich neerzette. Hij zei tegen hen: ‘Wie dit kind in mijn naam bij zich opneemt, neemt mij op; en wie mij opneemt, neemt hem op die mij gezonden heeft. Want wie de kleinste onder jullie allen is, die is werkelijk groot.’

14. Het is beter om een simpele levensstijl te hebben, dan rijkdom met veel conflicten in het huisgezin.
Spr 15:16-17 - Beter een schamel bezit en ontzag voor de HEER dan grote rijkdom en veel onrust. Beter een karige schotel groenten en liefde dan een vetgemeste os en haat.
Spr 17:1 - Beter een stuk droog brood en vrede dan een huis vol met voedsel en ruzie.

15. Sloop jezelf niet om rijk te worden
Spr 23:4-5 - Tob jezelf niet af om rijk te worden, zet dat plan opzij. Zodra je op rijkdom afvliegt, is die al verdwenen. Hij krijgt vleugels, plotseling, en vliegt als een arend weg.
Spr 28-6 -Beter een arme die onberispelijk leeft dan een rijkaard die vol leugens zit.
Pred 4:6 - Maar beter is één hand gevuld met rust dan beide vuisten vol gezwoeg en najagen van wind.

16. Zoek geen armoede noch rijkdom
Spr 30:8-9 - Houd me ver van leugen en bedrog. Maak me niet arm, maar ook niet rijk, voed me slechts met wat ik nodig heb. Want als ik rijk zou zijn, zou ik u wellicht verloochenen, zou ik kunnen zeggen: ‘Wie is de HEER?’ En als ik arm zou zijn, zou ik stelen en de naam van mijn God te schande maken
.
17. Het is beter om wijsheid te hebben dan rijkdom.
Spr 16:16-17 - Hoeveel beter is het wijsheid te verwerven dan goud, hoezeer is inzicht te verkiezen boven zilver. Wie oprecht is, mijdt de weg van het kwaad, wie zijn weg in het oog houdt, beschermt zijn leven

18. Goed bekend staan is belangrijker dan het hebben van grote rijkdom.
Spr 22:1 - Een goede naam is te verkiezen boven grote rijkdom, waardering boven zilver en goud.

19. Koning Achag oncontroleerbare begeerte, leidde hem uiteindelijk naar moord.
1 Kon 21:1-4
1 Kon 21:2-4 - Sta mij uw wijngaard af,’ zei Achab tegen Nabot. ‘Hij ligt naast mijn paleis; ik kan hem goed gebruiken om er groente te verbouwen. Ik zal u er een betere wijngaard voor teruggeven, of ik zal u, als u dat liever hebt, de prijs ervan in zilver uitbetalen.’ Maar Nabot zei tegen Achab: ‘De HEER verhoede dat ik de grond die ik van mijn voorouders heb geërfd aan u zou afstaan.’ Achab ging terug naar zijn paleis, woedend en terneergeslagen omdat Nabot tegen hem had gezegd dat hij hem de grond die hij van zijn voorouders had geërfd niet zou afstaan. Hij ging op zijn rustbed liggen, met zijn gezicht naar de muur, en weigerde te eten.

20. Koning Hezekiah had zijn prioriteiten op de verkeerde plaats. Met trots liet hij zijn aardse rijkdommen zien, en hij werd ervoor veroordeeld.
2 Kon 20:12-19
2 Kon 20:14-19 - De profeet Jesaja ging naar koning Hizkia toe en vroeg hem: ‘Wat hebben deze mannen tegen u gezegd? Waar kwamen ze vandaan?’ ‘Uit een ver land,’ antwoordde Hizkia, ‘uit Babylonië.’ ‘Wat hebben ze in uw paleis te zien gekregen?’ vroeg Jesaja, en Hizkia antwoordde: ‘Ze hebben alles gezien wat zich in mijn paleis bevindt. Er is niets in mijn magazijnen dat ik hun niet heb laten zien.’ Hierop zei Jesaja tegen Hizkia: ‘Luister naar wat de HEER te zeggen heeft. Het duurt niet lang meer, of alles wat zich in uw paleis bevindt, alles wat uw voorouders tot nu toe hebben vergaard, zal naar Babel worden weggesleept. Er blijft niets van over – zegt de HEER. Ook een aantal van uw zonen, het nageslacht dat u hebt verwekt, zal worden weggevoerd om dienst te doen in het paleis van de koning van Babylonië.’ Hizkia antwoordde: ‘Het is goed, wat u namens de HEER tegen mij hebt gezegd.’ Want hij dacht bij zichzelf: Dat betekent dat er zolang ik leef, rust en vrede zal heersen.

21. Habakuk was tevreden met Gods leiding en hij vertrouwde hem zelfs wanneer de dingen heel erg moeilijk waren.
Hab 3:17-19 - Al zal de vijgenboom niet bloeien, al zal de wijnstok niets voortbrengen, al zal de oogst van de olijfboom tegenvallen, al zal er geen koren op de akkers staan, al zal er geen schaap meer in de kooien zijn en geen rund meer binnen de omheining – toch zal ik juichen voor de HEER, jubelen voor de God die mij redt. God, de HEER, is mijn kracht, hij maakt mijn voeten snel als hinden, hij laat mij over mijn bergen gaan.

22. God bestrafte Gechazi zwaar voor zijn begeerten.
2 Kon 5:19-27 (Gechazi kreeg onder valse voorwendselen een cadeau van Naaman).
2 Kon 5:19-20 - Elisa antwoordde: ‘Ga in vrede.’ Naäman was nog niet zo lang vertrokken, toen Elisa’s knecht Gechazi bedacht: Mijn meester heeft de Arameeër Naäman voor het hoofd gestoten door het geschenk dat hij voor hem had meegebracht te weigeren. Zo waar de HEER leeft, ik ga hem zo snel mogelijk achterna om iets van hem aan te nemen.
2 Kon 5:27 - Moge de huidvraat van Naäman voor eeuwig op jou en je nakomelingen overgaan!’ Gechazi verliet zijn meester, zijn huid schilferig en wit als sneeuw.

23. Rijkdommen zijn betekenisloos, alle welvaart vervliegt.
Pred 5:8-17
Pred 5:10-11 - Maar hoe groter iemands kapitaal is, des te groter ook het aantal mensen dat het komt verbrassen. Wat heeft de eigenaar hierbij te winnen? Hij kan alleen maar toekijken. Een arbeider slaapt goed, of hij nu veel of weinig te verteren heeft, maar wie zwelgt in rijkdom, kan de slaap niet vatten.
Pred 5:15-17 - Het is, ook dit, triest en ellendig, maar zoals hij is gekomen, zo keert hij terug. Wat is het voordeel voor de mens dat hij zwoegt voor wind? Alle dagen van zijn leven brengt hij door in duisternis, heel zijn bestaan is vol ellende en verdriet, en vol ontevredenheid. Het is daarom, zo heb ik ingezien, goed en weldadig voor een mens wanneer hij zich aan eten en drinken te goed doet, en geniet van alles wat hij heeft verworven. Daar zwoegt hij voor onder de zon gedurende het luttel aantal levensdagen dat hij van God gekregen heeft; dat is wat hem is toebedeeld.



24. Het belangrijkste doel in het leven is om God te vrezen en zijn geboden te houden
Pred 12:13-14 - Alles wat je hebt gehoord komt hierop neer: heb ontzag voor God en leef zijn geboden na. Dat geldt voor ieder mens, want God oordeelt over elke daad, ook over de verborgen daden, zowel over de goede als de slechte.
Mat 6:33 - Zoek liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zullen al die andere dingen je erbij gegeven worden.
25. Alles wat je op aarde ziet is tijdelijk, maar wat je niet ziet is eeuwigdurend.
2 Kor 4:18 - Wij richten ons niet op de zichtbare dingen maar op de onzichtbare, want de zichtbare dingen zijn tijdelijk, de onzichtbare eeuwig.

26. Zet je verlangen niet op de dingen van boven, en niet op de zaken van de aarde
Kol 3:1-3 - Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God. Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is. 3U bent immers gestorven, en uw leven ligt met Christus verborgen in God.

27. De rechtvaardigen zullen klaar om vrijmoedig te geven, dan om begeerte te verlangen.
Spr 21:6 - Rijkdom verworven door bedrog is als een vluchtige adem op zoek naar de dood.