25 Opvoeding en karakter

“Zie nu toe, dat gij alles maakt naar het model, dat u daarvan op de berg getoond is.”
Opvoeding en karakter (25)
“Uw tijden zullen bestendig zijn, een rijkdom van heil, wijsheid en kennis.”

Karakter het hoogste doel
Een goede opvoeding erkent de waarde van wetenschappelijke kennis of literaire talenten; maar hoger dan kennis waardeert ze macht; en hoger dan macht, goedheid; hoger dan verstandelijke gaven, karakter. De wereld heeft niet zozeer gebrek aan mannen van groot intellect als aan mannen met een nobel karakter. Ze heeft mannen nodig wier talenten beheerst worden door standvastige beginselen.
“Het begin der wijsheid is: verwerf wijsheid”. “De tong der wijzen brengt degelijke kennis voort”. Spr. 4:7; 15:2. Een juiste scholing verschaft deze wijsheid. Zij leert het beste gebruik niet van één, maar van al onze vermogens en talenten. Op deze wijze omvat de opvoeding de gehele kring van onze verplichtingen, nl. tegenover onszelf, tegenover de wereld, en tegenover God.

Uitzicht voor onze jeugd
Karaktervorming is het belangrijkste werk, ooit aan menselijke wezens toevertrouwd en nooit te voren was een nauwkeurige studie daarvan van zo groot belang als nu. Nooit is een vroeger geslacht geroepen om werken van zo’n geweldige omvang onder ogen te zien; nooit eerder werden jonge mannen en vrouwen gesteld tegenover gevaren zo groot als waar tegenover zij zich heden geplaatst zien.

Gevaren op school
Wat is het streven van de opvoeding in een tijd als deze? Op welke beweegreden wordt het meest een beroep gedaan? - Op zelfzucht. Veel van de opvoeding die gegeven wordt, doet de naam schande aan. In ware opvoeding vindt men een invloed tegen zelfzuchtige ambitie, begeerte naar macht, minachting voor de rechten en noden der mensheid, welke een vloek zijn voor onze wereld.

Wedijver
Gods plan voor het leven biedt een plaats voor elk menselijk wezen. Iedereen moet zijn talenten tot het uiterste ontwikkelen; of hij veel of weinig bezit, als hij trouw zijn plicht doet, heeft hij recht op eer. In Gods plan is geen plaats voor zelfzuchtige wedijver. “Die zich afmeten naar zichzelf en zich vergelijken met zichzelf” “zijn niet wijs”. Wat wij ook doen, moet gedaan worden “als uit kracht door God verleend”. Het moet gedaan worden “van harte, als voor de Here en niet voor mensen; gij weet toch dat gij van de Here tot vergelding de erfenis zult ontvangen. Gij dient Christus als heer”. 2 Cor. 10:12; 1 Petr. 4:11; Col. 3:23,24. Van bijzondere waarde is het gedane werk en de scholing die men verkrijgt wanneer men zich houdt aan deze beginselen. Maar hoe geheel anders is de opvoeding die nu gegeven wordt! Vanaf de vroegste jaren wordt bij het kind een beroep gedaan op wedijver en rivaliteit; zelfzucht wordt daardoor aangekweekt, wat de wortel is van alle kwaad.

Zo ontstaat er een strijd om de hoogste plaats en wordt het systeem van “inpompen” aangemoedigd, hetgeen in zo vele gevallen de gezondheid aantast en de bruikbaarheid niet bevordert. In tal van gevallen leidt wedijver ook tot oneerlijkheid, en door eerzucht en ontevredenheid aan te kweken, verbittert de wedijver het leven en draagt ertoe bij de wereld te bevolken met die rusteloze, woelige geesten die voor de maatschappij een voortdurende bedreiging vormen. Het gevaar ligt niet enkel in de methoden. Dat wordt ook gevonden in het onderwijsmateriaal.

Heidense schrijvers
Op welke werken worden tijdens de ontvankelijkste levensjaren de gedachten van jonge mensen gericht? Uit welke bronnen wordt de jeugd geleerd te drinken bij hun taal- en literaire studie? - Uit de bronnen van het heidendom; uit fonteinen die gevoed worden door het verderf van het oude heidendom. Zij moeten schrijvers lezen van wie gezegd wordt dat ze geen achting hebben voor de beginselen der moraliteit.

En van hoeveel hedendaagse schrijvers kan niet hetzelfde worden gezegd! Bij hoevelen zijn niet stijl en taalschoonheid slechts een vermomming van de beginselen die in hun wezenlijke mismaaktheid de lezer zouden afstoten!

Romans
Bovendien zijn er nog tal van romanschrijvers die in het rijk der verbeelding tot liefelijke dromen lokken. En al mag men die schrijvers niet openlijk beschuldigen van immoraliteit, toch prikkelen hun werken niet minder tot het kwade. Duizenden en duizenden worden daardoor beroofd van tijd, energie en zelftucht die zo nodig zijn voor de ernstige levensproblemen.

Valse wetenschap
In de doorgaans gevolgde lijn van de wetenschappelijke studie, doen zich even grote gevaren voor. Evolutieleer en soortgelijke dwalingen worden op scholen vanaf de kleuterschool tot de universiteit geleerd. Op die wijze wordt de studie van de wetenschap die eigenlijk tot het kennen van God moest leiden, zodanig vermengd met de speculaties en theorieën van mensen dat daaruit ongeloof ontstaat.

“Hogere kritiek”
Zelfs de Bijbelstudie, zoals die vaak op scholen wordt gehouden, berooft de wereld van de kostbare schat van Gods Woord. Het werk van de “hogere kritiek”, met zijn ontleding, zijn gissing, zijn vervorming, vernietigt het geloof in de Bijbel als een goddelijke openbaring; zij berooft Gods woord van de kracht om het leven van de mens te beheersen, te verheffen en te bezielen.

Gevaren in de wereld
Wanneer de jeugd de wereld ingaat om daar de verlokkingen van de zonde het hoofd te bieden - de hartstocht naar geld, naar vermaak en uitspattingen, uiterlijk vertoon, weelde en verkwisting, bedrog, diefstal en corruptie - welke geestelijke stromingen zullen zich dan voordoen?

Het spiritisme beweert dat mensen niet-gevallen halfgoden zijn; dat “elke geest zichzelf zal richten”, dat “ware kennis de mensen plaatst boven alle wetten”; dat “alle bedreven zonden onschuldig zijn”; want “wat is, is goed”, en “God veroordeelt niet”. Van de slechtste mensen wordt gezegd dat ze in de hemel zijn en daar bijzonder worden vereerd. Daarom houdt het alle mensen voor: “het hindert niet wat je doet, leef zoals je wilt, de hemel is je thuis”. Vele mensen gaan daardoor geloven dat verlangen de hoogste wet is, dat losbandigheid vrijheid is en dat de mens alleen zichzelf rekenschap verschuldigd is.

Wanneer men zulke leerstellingen tegenkomt juist in het begin van het leven, wanneer de impulsen het sterkst en zelfbeheersing en reinheid het allermeest nodig zijn, waar zijn dan de beveiligingen van de deugd? Wat moet de wereld ervoor bewaren een tweede Sodom te worden?

Wetteloosheid
Tezelfder tijd probeert de anarchie alle wetten, niet alleen de goddelijke maar ook de menselijke, weg te vagen. De opeenhoping van rijkdom en macht; de grote concerns om weinigen te verrijken ten koste van de velen; het verbond van de minder bedeelden ter verdediging van hun belangen en eisen; de geest van onrust, van opstand en bloedvergieten; de wereldwijde verspreiding van dezelfde leuzen die leidden tot de Franse Revolutie, dat alles schijnt de gehele wereld te verwikkelen in een strijd gelijk aan die welke Frankrijk in beroering bracht.

Dat zijn de invloeden waar tegenover de jeugd van heden zich geplaatst ziet. Om te midden van zulke beroeringen staande te blijven, moeten de jonge mensen nu de grondslagen voor het karakter leggen.

De grondslag voor het karakter
In elk geslacht en in elk land is het ware fundament en voorbeeld tot karaktervorming hetzelfde geweest. De goddelijke wet, “Gij zult de Heere, uw God, liefhebben uit geheel uw hart... en uw naaste als uzelf”, (Luc. 10:27) het grote beginsel, geopenbaard in het karakter en het leven van onze Heiland, is het enige, veilige fundament en de enige betrouwbare gids.
“Uw tijden zullen bestendig zijn, een rijkdom van heil, wijsheid en kennis” (Jes. 33:6)- die wijsheid en kennis welke alleen Gods Woord kan schenken.

Gods geboden
Het is evenzeer waar in deze tijd als toen tot Israël de woorden werden gesproken om Zijn geboden te gehoorzamen: “Dat zal uw wijsheid en uw inzicht zijn in de ogen der volken”. Deut. 4:6.
Hier is de enige bescherming voor de persoonlijke onkreukbaarheid, voor reinheid van het gezin, het welzijn van de samenleving, of de stabiliteit van de natie. Te midden van alle moeilijkheden en gevaren des levens en de met elkaar in botsing komende stromingen, is de enige veilige en zekere levensregel te doen wat God zegt. “De bevelen des Heeren zijn waarachtig”, en “wie zo handelt, zal nimmer wankelen”. Ps. 19:9; 15:5.
(Karaktervorming, - E.G.White)