|
De nieuwe wet
betekent een substantiële verbetering voor werknemers die niet op zondag
willen werken, omdat individuele werknemers het recht krijgen
zondagsarbeid te weigeren. Ze zijn niet langer afhankelijk van besluiten
van de werkgever en het medezeggenschapsorgaan. Uiteraard heeft de RMU er
geen moeite mee dat werkgevers bij “werken van noodzakelijkheid en
barmhartigheid” zondagsarbeid kunnen blijven bedingen, zoals
bijvoorbeeld in de gezondheidszorg.
In de ‘oude’
Arbeidstijdenwet is bepaald dat als de bedrijfsomstandigheden dat
noodzakelijk maken een werkgever zondagsarbeid kan vragen van de
werknemer, mits de werkgever daarover overeenstemming heeft bereikt met
het medezeggenschapsorgaan. Bij de vaststelling van de Arbeidstijdenwet in
1996 heeft de RMU al aangegeven dat geen rekening is gehouden met het
recht van individuele werknemers om in te stemmen met zondagsarbeid. De
werknemer moest zich in die gevallen beroepen op ‘gewetensbezwaar’.
Daarbij komt dat
“bedrijfsomstandigheden” een boterzacht begrip is dat te pas en te
onpas wordt gebruikt. Vandaar dat de RMU het van groot belang acht dat de
juridische positie van de werknemer met aanname van het
initiatief-wetsvoorstel helder is geworden. Zolang het geen arbeid van
noodzakelijkheid en barmhartigheid betreft kan iedere werknemer in
Nederland besluiten om niet op zondag te werken. De RMU hoopt dat
werknemers niet alleen kiezen voor de zondag als vrije dag, maar ook als
heilzame rustdag.
|