You are - home - special index - The most coveted...
Paus speelt cruciale rol in herevangelisatie Europa

Bij gelegenheid van de 80e verjaardag van Paus Johannes Paulus II op 18 mei sprak KN met de Amerikaanse theoloog en publicist George Weigel. Hij is auteur van de vorig jaar verschenen en veelgeprezen biografie van Karol Wojtyla Witness to Hope (Getuige van Hoop).

Stefan van Wersch

Als er nu al een boek in aanmerking zou moeten komen voor de aanduiding 'definitieve biografie over Johannes Paulus II' - en daarvoor is het uiteraard te vroeg -, dan zou die prijs zonder twijfel naar Witness to Hope van George Weigel moeten gaan. Het boek telt bijna 1000 pagina's, maar je blijft doorlezen. Dat komt natuurlijk deels door het onderwerp maar ook door Weigels schrijfstijl. Weigel loopt Wojtyla's leven en pontificaat chronologisch na. Dat had een saaie opsomming kunnen worden, maar het tegendeel is gebeurd. In elk hoofdstuk worden gebeurtenissen en daden in Wojtyla's leven aangegrepen om aspecten van zijn persoonlijkheid, geloof en denken uit te diepen. De indrukwekkende veelzijdigheid van de paus en zijn wilskrachtige persoonlijkheid komen zo volledig tot hun recht.

Foto: AP

Even belangrijk is dat Weigel over een eigenschap bezit, die bij veel biografen (en nog meer journalisten) tegenwoordig pleegt te ontbreken: hier schrijft iemand die in staat is tot een waarachtig "sentire cum ecclesia" (meevoelen met de Kerk). Onderwerpen als de rol van de vrouw, de confrontatie met het communisme, oecumene en de relatie met het jodendom worden beschreven vanuit het hart van het katholieke geloof, en niet vanuit de politieke correctheid van de dag. Tegelijkertijd is Weigel een meesterlijke vertolker van Wojtyla's filosofische en theologische opvattingen: wie vastgelopen is in de soms moeilijke stijl van de encyclieken van deze Paus, vindt de kern ervan in Weigels boek uitgelegd in goed begrijpelijke taal. Het laatste hoofdstuk maakt een voorlopige balans van dit pontificaat op. Weigel neemt de Paus in verdediging tegen zowel progressieven, die hem als autoritair afschilderen, als tegen conservatieven, die menen dat hij gefaald heeft omdat het hem niet gelukt is de na-conciliaire Kerk weer tot de orde te roepen. Ook komen in die balans punten aan de orde waar de paus minder succesvol is geweest, zoals de dialoog met de orthodoxie. Weigel meent ook dat de paus te mild is geweest voor de Verenigde Naties.

In uw boek karakteriseert u Johannes Paulus II op vele wijzen, zoals personalistische filosoof, karmeliet wat betreft spiritualiteit, christelijk humanist, rationalistische mysticus, etc. Als u één omschrijving zou moeten kiezen, welke zou dat dan zijn?

Johannes Paulus II kan tenslotte alleen maar begrepen worden als een "christelijke discipel". Zijn persoonlijkheid, zijn mystieke intuïtie, zijn pastorale werk en zijn wetenschappelijke interesses kunnen alleen in dat licht begrepen worden. Zoals hij zelf in zijn boek 'Over de drempel van de Hoop' heeft gezegd: Jezus Christus is het antwoord op de vraag die elk menselijk leven is.

U duidt de Paus ook aan als de erfgenaam van het Tweede Vaticaanse Concilie waar, zoals u schrijft, de katholieke Kerk eindelijk de volledige discussie met de moderniteit aanging. Het Concilie heeft echter geleid tot een crisis zonder precedent. Denkt u dat dit pontificaat het keerpunt in die crisis zal blijken te zijn?

Veel concilies in de kerkgeschiedenis zijn gevolgd door een roerige periode. Het punt bij het Tweede Vaticaanse Concilie was dat het geen sleutels heeft gegeven voor de interpretatie van zichzelf, zoals dat bij andere concilies wel gebeurd is via een geloofsbelijdenis, canons of anathema's. De generatie van de jaren zestig zal nog wel enige tijd nodig hebben om te begrijpen dat dit pontificaat gezorgd heeft voor de definitieve en gezagdragende interpretatie van het Tweede Vaticaanse Concilie. De nieuwe generatie is intussen veel meer geïnteresseerd in het Concilie als een intense religieuze gebeurtenis, niet als een intrakerkelijke machtsstrijd. Dat doet me hopen dat de 'receptie' van het Concilie in deze eeuw voller, spiritueler en minder ideologisch zal worden.

Foto: AP

Sommigen zien Johannes Paulus ook als de paus van Fatima, vanwege zijn Maria-devotie, de datum van de aanslag van Agca, en zijn toewijding van de wereld aan het Onbevlekt Hart van Maria. U gaat hier nauwelijks op in.

De paus heeft een diepe, christocentrische Maria-devotie, die zich op verschillende wijzen uit, zoals de Zwarte Madonna in de pauselijke kapel en zijn bezoeken aan Fatima. Ik geloof dat die vaststelling voldoende is en dat het niet zinvol is een en ander dieper te analyseren. Ik heb hem in onze gesprekken ook niet naar Medjugorje gevraagd: hij kan daar toch niet op ingaan.

In de balans aan het einde van uw boek vermeldt u slechts in twee regels dat de paus nauwelijks invloed heeft weten uit te oefenen op de snelle secularisatie van de westerse wereld. Met name Europa is een continent waar het christendom aan het uitsterven lijkt. Dit moet voor de paus een grote teleurstelling zijn. Had dit aspect niet meer aandacht verdiend?

Wel, zelfs in een boek van 1000 pagina's kun je niet op alles ingaan. Europa is inderdaad een postchristelijke samenleving. Minstens zo treurig als het dalende kerkbezoek zijn de catastrofaal lage geboortecijfers in West-Europa: ik zie dit als een teken van een beschaving in crisis. Er zijn overigens ook tekenen van hoop, waaronder de nieuwe lekenbewegingen. Maar het lijdt geen twijfel dat het West-Europa van de 21 eeuw een dramatische herevangelisatie behoeft, wellicht vanuit Oost-Europa of Afrika. Die herevangelisatie zal er komen en dan zal blijken dat het leergezag van deze paus daarin een cruciale rol heeft gespeeld. In de Duitstalige landen en Nederland beseft men dit nog niet, maar ik ben ervan overtuigd dat het zo eenvoudig ligt.

De opmerkelijke verbetering die deze paus heeft weten te bewerkstelligen in de beladen relatie van de katholieke Kerk met het jodendom loopt als een rode draad door uw boek. Om voor de hand liggende redenen heeft in de laatste decennia het katholieke zelfonderzoek centraal gestaan: wij moesten in het reine komen met een geschiedenis van antisemitisme. Een en ander culmineerde in het recente pauselijke 'mea culpa'. Maar hoe moet het nu verder?

De paus heeft gesuggereerd dat katholieken en gelovige joden het gesprek weer opvatten dat zij het aan het einde van de eerste eeuw hebben afgebroken. Dat gesprek zou kunnen gaan over wat het betekent een uitverkoren volk te zijn, wat de betekenis van 'Verbond' is, en waar onze morele opvattingen een gelijk fundament hebben, d.w.z. de Tien Geboden. Tenslotte kan onze gemeenschappelijke Messiaanse hoop aan de orde komen. Dit nieuwe gesprek kan eeuwen gaan duren en het zal waarschijnlijk beginnen in de Verenigde Staten waar de joodse gemeenschap voldoende omvang en zelfvertrouwen heeft voor zo'n nieuw soort dialoog.

Sommigen hebben het 'mea culpa' afgedaan als een vorm van politieke correctheid: het zou mode zijn verontschuldigingen aan te bieden.

Typisch een voorbeeld van niet willen inzien dat het 'mea culpa' alleen begrepen kan worden van binnenuit. Katholieken beginnen elke mis met de schuldbelijdenis. De paus heeft deze voor katholieken vanzelfsprekende praktijk via een dramatisch gebaar onder de aandacht van de wereld gebracht. Lang voordat de term 'politieke correctheid' zelfs maar bestond, wist de katholieke Kerk al dat zij een Kerk van zondaars was.

Foto: AP

Deze paus lijkt niet te slagen in een van zijn andere diepe wensen, een betekenisvolle toenadering tot de orthodoxie. Heeft de paus niet, zoals veel katholieken, de diepte van de antikatholieke gevoelens onder orthodoxen onderschat?

Als paus, afkomstig uit het grensgebied tussen het christelijke westen en christelijke oosten, heeft Johannes Paulus een grote historische verantwoordelijkheid gevoeld voor het helen van de breuk tussen oost en west aan het begin van het nieuwe millennium. Dat is niet gelukt, met name omdat de orthodoxie te gefragmenteerd is en een zware 20ste eeuw achter de rug heeft vanwege de communistische vervolgingen. Maar u heeft gelijk: wat ook een rol speelt, is dat orthodoxen zichzelf helaas nog al eens definiëren als christenen die niet in gemeenschap leven met de bisschop van Rome. Dat is een complex verschijnsel, met historische, psychologische en theologische dimensies. Katholieken moeten echter de dialoog gaande houden, zelfs als het pad moeilijk begaanbaar lijkt.

Veel Amerikaanse katholieken maken zich grote zorgen over de Kerk in de VS. De gemiddelde Europeaan die in de VS leeft, krijgt echter de indruk dat de Kerk in de VS in veel betere vorm is dan in Europa: het kerkbezoek is veel hoger, de Kerk is minder gemarginaliseerd. De paus krijgt zelfs in vrijzinnige kranten als de New York Times een respectvolle behandeling, terwijl hij in bijvoorbeeld Nederland, hoe ook, geen goed kan doen. Hoe valt volgens u de vergelijking uit?

De Verenigde Staten zijn, vooralsnog, geen postchristelijke samenleving. Er is sprake van een intense religiositeit, al is die soms ook intens verward. Zondagmorgen in de VS is heel verschillend van zondagmorgen in Europa. Ik geloof ook dat de Kerk in de VS thans in een veel betere vorm is dan 15 jaar geleden. Vooral de kwaliteit van de seminaristen is opmerkelijk. Zij zijn bovendien vrij van de littekens van de jaren zestig. In veel streken zijn er levende parochies, met een belangrijke opleving van devoties, zoals aanbidding van het Heilig Sacrament en de boodschap van de goddelijke barmhartigheid (van zuster Faustina). We hebben enige uitstekende bisschoppen. In grote lijnen ben ik hoopvol over de Kerk in de VS.

Laatste vraag: wat valt er te zeggen over de opvolging van deze paus? Het kan niet eenvoudig zijn een man van dit kaliber op te volgen.

Ik hoop oprecht dat het volgende conclaaf nog jaren van ons verwijderd is. Als het zover is, zal het waarschijnlijk het meest open conclaaf in de geschiedenis worden: etniciteit, nationaliteit en ras zullen zo goed als geen rol spelen. De kardinalen zullen allereerst heel goed moeten beseffen dat zij niet alleen een paus kiezen voor het kerkelijke apparaat maar voor alle katholieken en voor de wereld. En al die groepen hebben nieuwe verwachtingen ten aanzien van een paus. Maar de kardinalen zullen zichzelf vooral deze vraag moeten stellen: wie is in staat tot het soort pauselijke leiderschap dat wij in maart 2000 in het Heilige Land in actie hebben kunnen zien?

Website statistieken