Zoeken naar:

Algemeen:

Startpagina

Disclaimer

Geen gehoor.Martin Gray was een Joodse jongen uit het getto van Warschau. De Duitsers hadden Polen bezet en alle Joden werden systematisch afgevoerd naar vernietigingskampen. Martin Gray werd met zijn familie en vele andere lotgenoten in wagons gepropt en op transport gesteld naar Treblinka. Martin had geluk dat hij niet dadelijk werd vergast. Samen met een aantal andere Joodse jongeren moest hij de wagons schoonmaken; de lijken uit de gaskamer in greppels werpen en de kleding sorteren die in grote balen in, de wagons werden geladen.

Op een goede dag zag Martin kans om zich te verstoppen tussen de kleding in een wagon en toen de trein uit het kamp wegreed lukte het hem onder koortsachtige inspanning om met een zakmes een opening te maken en een paar planken van de wagon weg te breken waardoor hij tijdens het rijden naar buiten is gesprongen. In de berm van de spoorweg heeft hij gelukkig niet al te veel letsel opgelopen. Na een paar dagen omzwerven kwam hij terecht in Zambro waar hij een Joodse gemeenschap aantrof die nog in vrijheid leefde.

Martin begon dadelijk te waarschuwen voor het dreigende gevaar dat ook hen ongetwijfeld boven het hoofd hing. Martin vertelde hen, over de verschrikkingen van Treblinka - over de gruwelijke dingen die hij daar had meegemaakt, maar ze keken hem alleen maar verbaasd aan en ze namen hem niet serieus. Hoezeer Martin zich ook inspande en de mensen aanspoorde: Jullie moeten vluchten; straks zijn jullie aan de beurt; nu kan het nog... het hielp allemaal niets. Zijn eigen rasgenoten verklaarden hem voor gek en ze riepen hem toe: Onmogelijk! De Duitsers zijn niet achterlijk. Waarom zouden ze ons vermoorden? Zolang wij betalen en voor hen werken zal ons dat niet kunnen overkomen. De Duitsers hebben ons nodig. Het is in hun eigen belang dat wij in leven blijven.

Maar Martin wist wel beter en hij probeerde uit alle macht om hen de realiteit duidelijk te maken, maar een klein dik mannetje met een vlotte babbel voerde het hoogste woord en zei: `Luister toch niet naar hem, hij moet krankzinnig zijn.' En hij trok de anderen bij Martin vandaan en zette zijn woorden kracht bij met drukke gebaren en Martin werd meewarig bespot en uitgelachen.

Martin deed alles wat hij ook maar kon doen, maar hoe ernstig en indringend zijn waarschuwingen ook waren... Martin vond geen gehoor! Martin schrijft in zijn boek: "Wat was het een nachtmerrie om overal van op de hoogte te zijn, maar niemand te kunnen overtuigen... ik was een soort tragische clown... Elke morgen ging ik, zodra de zon was opgekomen, naar het plein, vóór de synagoge. Als een onvermoeibare onheilsprofeet klampte ik de voorbijgangers aan om hen te overtuigen, maar hoe meer dagen voorbij gingen, des te minder waarde werd er aan mijn woorden gehecht. " Uit naam van al de mijnen, p. 206.

Tragisch... diep tragisch! Niet lang daarna werd Zambro door de Duitsers omsingeld en alle Joden werden afgevoerd, de ondergang tegemoet