|
|
Mia Audina wil een goede vrouw zijn
Door Vincent Ronnes
Op zevenjarige leeftijd wist badminton-speelster Mia
Audina dat ze ooit wereld-kampioene zou worden. ,,Dat wil de Here'', zegt ze.
Het is er nog niet van gekomen. Maar met de twee gouden medailles is de pas
24-jarige alweer een stukje dichter bij haar doel gekomen. Nu eerst die
Olympische plak.
'Mensen belazeren
je.'
Het klinkt zo plotseling en schokkend. Want Mia Audina is de vriendelijkheid
zelve, voorkomend, positief ingesteld.
,,Als je allemaal hebt meegemaakt wat ik heb meegemaakt, vind je het dan
vreemd dat ik wantrouwig word? Als klein meisje ben ik bestolen. Dat doet
pijn. Niet vanwege dat geld. Maar als je merkt dat je belazerd wordt, dan doet
dat pijn. Ik leerde al heel vroeg dat er mensen zijn die je niet mogen. Mensen
die in het begin niet eens naar je kijken. Maar als je dan beroemd wordt
willen ze steeds dichter bij je zijn.''
Wie zich realiseert hoe belangrijk het badminton in haar geboorteland
Indonesië is, begint iets te begrijpen van de wereld waarin het kleine meisje
terechtkwam. Badminton is er belangrijker dan voetbal. Al lang voordat ze als
14-jarige haar land de Uber Cup bezorgde was ze een beroemdheid. Een
wondermeisje, de jongste uit een gezin van drie kinderen, dat de harten van
miljoenen stal.
Maar jaloerse, veelal oudere, medespeelsters in het nationale team zagen haar
eerder als een tegenstander dan als teamgenoot.
,,Als zevenjarige verdiende ik al geld met badminton. Toen ik veertien was had
ik alles: auto's, een huis, noem het maar op. Van sponsors en
dankzijtelevisie-reclames kreeg ik geld, heel veel geld voor een klein meisje.
Er was iemand uit mijn directe omgeving die dat allemaal had geregeld. Die had
dat geld. Op een gegeven moment vroeg ik waar dat geld was, want dat wilde ik
gebruiken voor mijn moeder die ernstig ziek was geworden. Toen zei hij dat het
geld voor hem was, want hij had er keihard voor gewerkt. Dat was toen wel één
miljoen gulden.''
Later in Nederland overkwam haar nog eens iets dergelijks. Deze keer ging het
om een slordige 50.000 euro, beloofd door een sponsor. ,,Twee dagen voor de
rechtszaak ging dat bedrijf failliet. Tja, wat moet je dan?''
De man die de kluit in Indonesië belazerde is een goede bekende. ,,Ik heb hem
vergeven. Dat komt door mijn geloof. Ik ben nu geen miljonaire, maar ik
verdien genoeg, ik heb een goed leven. Na zulke dingen word je alleen al
wantrouwig om jezelf te beschermen. Dan zeg je: tot hier en niet verder.''
Vanaf dat moment hoeft geen enkele buitenstaander zich nog te bemoeien met de
zaken van de internationale badmintontopper. Manlief Tylio Lobman regelt alle
zaken. ,,Mijn man is een godsgeschenk, het mooiste dat me in mijn leven is
overkomen.''
Surinamer Lobman leefde enkele jaren in Indonesië als zanger en zendeling voor
de Pinkstergemeente. Ze ontmoetten elkaar op de voor hen meest logische
plaats: de kerk. ,,Hij kende me helemaal niet en dat vind ik fijn. Het was
liefde op het eerste gezicht.''
,,Ik had al tegen de Here gezegd: ik hoef niet te trouwen. Ik heb zelf geen
slechte ervaringen met mannen, maar iedereen weet toch hoe vrouwen door mannen
worden geslagen. Toch hoopte ik misschien wel iemand te vinden. Tegelijkertijd
had Tylio gebeden voor een vriend, dus niet zozeer voor een vriendin of vrouw.
Toen troffen we elkaar. Als mensen zeggen: ik houd van jou, dan wil dat
meestal niks zeggen. Dit was anders.''
In 1999 gingen ze naar Nederland. ,,Het was helemaal niet de bedoeling om hier
te blijven. We trouwden, een maand later stierf mijn moeder. Ik denk dat ze
toen de rust had dat ik goed was terechtgekomen. Na de begrafenis zijn we weer
naar Nederland gegaan. Niet alleen om te badmintonnen of geld te verdienen. Ik
vind het fijn in Nederland. Maar ik zou nergens anders dan in Rotterdam willen
wonen. Ik ben een stadsmens. Ik houd van grote, nieuwe gebouwen.''
Vanuit haar woning heeft ze zicht op de Maas en de Kuip. Haar schoonfamilie
vervolmaakt de stad als warm nest voor haar. ,,De tante van Tylio is ook mijn
tante. En ik heb hele goede contacten met de voorganger van de
Pinkstergemeente.''
Toen ze eenmaal in Nederland was werd er veel werk van gemaakt om haar nog
voor de Olympische Spelen van 2000 in Sydney een Nederlands paspoort te
bezorgen. ,,Dat dat lukte is ook iets waar de Here een bedoeling mee heeft
gehad.'' De Olympische missie liep overigens op een teleurstelling uit. Maar
net als andere tegenslagen in haar leven bracht dat haar vertrouwen in de
hogere macht niet in gevaar.
,,Mijn geloof is niet gebaseerd op prestaties. Mijn prestaties zijn gebaseerd
op het geloof.''
,,Maar een Olympische medaille is wel erg belangrijk voor mijzelf. Je zet
bepaalde doelen in het leven. Olympisch goud heb ik nog niet, de Denemarken
Open wil ik ook winnen. En het WK. Ik ben nog jong, ik heb nog een paar jaar
de tijd. Dat ik zo jong ben begonnen is een voordeel. Ik was ook al heel vroeg
volwassen. Toen ik zeven was wist ik al dat de Here mij wereldkampioene zou
maken. Ik was nooit iemand van: lange leve de lol. Ik ben misschien drie keer
in een discotheek geweest. Zo'n kans om deze dingen te bereiken krijg je niet
twee keer in je leven. En dat het bij mij al zo vroeg begonnen is heeft het
voordeel dat ik er nu nog steeds ben. Ik ben één van de jongste speelsters aan
de top. Zo kan ik nog door tot de Spelen van Peking.''
Voordat ze vorige week zowel in het enkel als in het dubbel goud haalde op het
Europees kampioenschap versloeg ze enkele weken geleden de Chinese
wereldtoppers op een toernooi in Japan. Mia Audina beleeft momenteel de beste
periode van haar carrière.
Mocht ze haar doelen niet bereiken, dan is het haar eigen fout, vindt ze. Het
leven aan de top vereist een ijzeren discipline. Als ze niet de wereld
rondreist is ze vaak op nationaal sportcentrum Papendal bij Arnhem te vinden.
,,Vroeger reed ik meestal zelf. Maar dat werd gevaarlijk. Dan stapte ik
doodmoe in de auto en dreigde ik vaak in slaap te vallen. Tylio maakte zich
daar zorgen om. Daarom rijdt hij mij nu naar Papendal.''
Voor de rest is ze nergens liever dan thuis in haar Rotterdamse appartement.
,,Ik wil graag huisvrouw zijn, een vrouw voor mijn man. Omdat ik het druk heb,
zeggen veel mensen tegen mij: je moet een hulp nemen. Maar op mijn vrije dagen
vind ik het leuk om alles thuis netjes te verzorgen. Ik houd ervan om er voor
mijn man te zijn. Ik ben nu zes maanden per jaar weg, ik zie daarom mijn man
zo weinig, dat vind ik wel jammer. Een heel enkele keer, net als vorige week
bij het Europees kampioenschap, gaat hij mee. Graag was ik wat meer thuis.
Mijn carrière is tenslotte niet het enige dat telt in ons leven.''
Later, als haar badmintoncarrière erop zit, komt er meer tijd voor het
huishouden. En dan zal ze haar man gaan helpen bij zijn werk voor de kerk.
Momenteel is hij bezig met de opname van een gospel-cd. In haar huidige leven
komt Mia Audina weinig in de kerk.,,Vaak moet ik op zondag een finale spelen.
Nee, ik maak het nooit mee dat mensen me kwetsen of op een vervelende manier
opmerkingen maken over mijn geloof. Ik vind juist dat mensen heel respectvol
naar mij toe zijn. Ik heb er ook geen moeite mee dat zo veel mensen geen
geloof hebben. Ik dwing niemand om gelovig te zijn. Ik wil wel vertellen wat
de Heer met mijn leven heeft gedaan.
,,Ik hoef niet naar de kerk om te bidden. Elke dag lees ik de bijbel. Bidden
kan overal, daar hoef je je ogen niet voor dicht te doen. Het kan ook op
straat. Als ik een junkie zie, dan bid ik voor hem dat de Here hem zal helpen
om van zijn verslaving af te komen, om een beter leven te krijgen.
,,Ik bid voor het eten, voor het slapen. Ik bid ook op de baan. Natuurlijk
hoop ik te winnen, Hij weet wel wat het beste voor me is. Maar het gaat niet
alleen om winnen. Het kan ook mijn eigen schuld zijn als ik verlies, misschien
heb ik de tegenstandster onderschat. Als ik verlies, wil dat niet zeggen dat
ik daarom de Heer niet meer zal dienen.''
ad.nl (c) algemeen dagblad, Rotterdam
|
|