De
Kandelaar
van
gedreven
goud
(22)
De
derde
stap
in
heiligmaking
Met
de
gouden
kandelaar
wordt
de
derde
belangrijke
stap
verzinnebeeld
in
de
heiligmaking
en
wordt
de
kroon
op
de
beide
andere
gezet.
Als
we
niet
verder
komen
dan
het
gebed
en
de
studie
van
Gods
Woord,
zullen
wij
de
maat
van
de
wasdom
der
volheid
van
Christus
niet
bereiken
(Ef.4:13).
Het
is
niet
genoeg
dat
wij
wedergeboren
worden
uit
het
onvergankelijke
Woord
van
God
(1
Petr.1:23)
of
dat
we
als
“nieuw
geboren
kinderen
verlangen
naar
de
redelijke
onvervalste
melk
van
het
Woord,
opdat
we
daardoor
mogen
groeien.”
1
Petr.2:2.
Door
zo’n
geweldig
begin
zijn
we
echter
geen
kinderen
meer,
op
en
neer
en
heen
en
weer
geslingerd
onder
invloed
van
allerlei
wind
van
leer
(Ef.4:14).
Het
is
niet
genoeg
dat
onze
gebeden
‘s
morgens
en
‘s
avonds
opstijgen
met
het
reukwerk
op
het
altaar
We
moeten
“volmaakt
en
verzekerd
zijn
bij
alles
wat
God
wil.”
Col.4:12.
“Wij
moeten
ons
aan
de
waarheid
houdende,
in
liefde
in
elk
opzicht
naar
Hem
toegroeien.”
Ef.4:15.
Dat
is
de
kandelaarervaring.
Hoe
kunnen
wij
ons
aan
de
waarheid
houden
en
in
liefde
naar
Hem
toegroeien?
Wij
hebben
de
waarheid
aanvaard.
En
God
wil
de
waarheid
in
het
verborgene,
in
het
binnenste
van
ons
hart
(Psalm
51:8).
De
waarheid
in
het
hart
aanvaard
met
de
wil,
komt
tot
uitdrukking
in
het
leven.
Dan
staat
het
licht
op
de
kandelaar
en
niet
onder
de
korenmaat
(Matt.5:14-15)
en
schijnt
het
in
goede
werken
voor
iedereen.
Dit
“lichtdragen”
is
de
kroon
op
de
heiligmaking,
op
het
gebed
en
de
studie
van
de
Bijbel.
De
delen
van
de
kandelaar
Ex.25:31-40.
De
kandelaar
had
een
schacht,
met
aan
beide
zijden
drie
takken
of
armen.
Deze
zes
takken
zagen
er
hetzelfde
uit:
ieder
had
drie
bloemkelken,
drie
knoppen
en
drie
amandelbloesems.
De
bloemkelken
leken
op
lelies.
De
middelste
schacht
had
vier
bloemkelken,
vier
knoppen
en
vier
amandelbloesems.
Dat
was
dus
in
totaal
22
bloemkelken,
22
knoppen
en
22
amandelbloesems:
dat
zijn
66
versieringen.
Onder
elk
van
de
drie
paar
takken
was
een
knop,
dus
drie
versieringen
meer.
Met
inbegrip
van
de
versiering
aan
de
voet
waren
er
dus
zeventig
versieringen.
Wat
een
gedetailleerde
beschrijving!
“Zie,
dat
gij
het
maakt
naar
het
voorbeeld,
dat
Ik
u
op
de
berg
toonde.”
Ex.25:40.
Waarom
wordt
er
zo’n
nadruk
gelegd
op
al
de
details
met
die
vermanende
woorden?
Zonder
twijfel
omdat,
zoals
we
reeds
opgemerkt
hadden,
enig
afwijken
van
Gods
plan
de
betekenis
ervan
zou
vernietigen
of
bederven
en
dan
zou
het
ongeschikt
zijn
om
een
belangrijke
geestelijke
waarheid
betreffende
het
verlossingsplan
te
leren.
De
betekenis
van
de
zeven
armen
In
zijn
geheel
verzinnebeeldde
de
kandelaar
Christus
“het
Licht
der
wereld.”
Joh.8:12.
Een
bijzondere
betekenis
heeft
de
middelste
schacht,
die
met
zijn
veelbetekend
getal
“vier”
Christus
symboliseert.
Hij
is
de
Zoon
des
mensen,
Die
wandelde
temidden
van
de
zeven
kandelaren
(Openb.1:12,13).
Deze
kandelaren
zijn
een
voorstelling
van
de
zeven
gemeenten:
de
gehele
kerk
van
God
(Openb.1:20).
Zoals
zeven
niet
alleen
volledigheid,
maar
ook
volmaaktheid
symboliseert,
zo
moet
de
kerk
van
God
volmaakt
zijn,
heilig
en
zonder
smet
(Ef.5:27).
Jezus
zei
tot
Zijn
discipelen:
“Gij
zijt
het
licht
van
de
wereld.
Een
stad
die
op
een
berg
ligt
kan
niet
verborgen
blijven.”
Matt.5:14.
Amandel
versieringen
In
het
borstschild
worden
Gods
kinderen
verzinnebeeld
als
Zijn
juwelen;
in
de
kandelaar
als
Zijn
versieringen.
Waarom
leken
deze
ornamenten
op
amandelen?
Het
hebreeuwse
woord
voor
“amandel”
betekent
“zich
haasten”,
want
de
amandelboombloesem
bloeit
heel
vroeg
in
het
seizoen,
“hij
haast
zich”
om
te
bloeien.
Het
werd
door
de
Joden
als
een
welkome
aanwijzing
gezien
dat
de
lente
was
gekomen:
een
treffende
gelijkenis
met
de
opstanding.
Zo
zijn
de
versieringen
met
amandelbloesems
een
aanduiding
van
Christus
Die
“de
opstanding
en
het
leven
is”
(Joh.11:25)
en
ook
van
het
nieuwe
leven
dat
komen
zal
voor
allen
die
van
Hem
getuigen.
Overal
op
de
kandelaar
was
dit
symbool
van
de
opstanding
van
Christus
te
zien,
die
wij
als
christenen
met
spoed
aan
de
wereld
moeten
verkondigen.
De
zaak
van
de
koning
vereist
spoed
(1
Sam.21:8;
KJV
Jer.1:11,12)
geeft
dezelfde
gedachte
weer:
“Het
Woord
van
de
Here
kwam
tot
mij,
zeggende:
“Jeremia
wat
ziet
gij?”
En
ik
zeide:
“Ik
zie
een
tak
van
een
amandelboom”.
Toen
zeide
de
Here
tot
mij:
“Gij
hebt
het
goed
gezien,
want
Ik
zal
Mijn
woord
verhaasten
om
dat
te
doen.”
Het
woord
“amandel”
betekent
ook
“waakzaam”.
Dit
illustreert
prachtig
het
werk
van
Christus
voor
ons:
“De
Bewaarder
van
Israël
sluimert
noch
slaapt.”
Psalm
121:4.
De
zeven
ogen
van
het
Lam
gaan
“over
de
gehele
aarde.”
Openb.5:6.
Waarom
doorzoekt
Jezus
de
aarde?
“De
ogen
des
Heren
gaan
over
de
gehele
aarde,
om
krachtig
bij
te
staan
hen
wier
hart
volkomen
naar
Hem
uitgaat.”
2
Kron.16:9.
Het
Lam
had
niet
alleen
zeven
ogen
maar
ook
zeven
hoornen.
De
gedachte
van
ijver
zit
ook
in
het
grondwoord
van
de
amandel,
nl.
“ijverig
zijn”,
scherp
waarnemen
als
een
luipaard;
doel
gericht
zijn,
ijverig
en
waakzaam
zijn
(Jer.5:6).
De
zeven
lampen
voor
de
troon
zien
eruit
als
vurige
fakkels
(Openb.4:5):
net
als
Zijn
kerk,
die
door
het
vuur
van
de
Heilige
Geest
met
ijver
wordt
vervuld.
Zeventig
versieringen
Waarom
waren
er
zeventig
versieringen?
Wat
verzinnebeelden
zij?
De
Here
gaf
Zijn
opdracht
niet
alleen
aan
de
twaalven
om
de
wereld
in
te
gaan
om
het
evangelie
te
prediken,
maar
Hij
wees
er
ook
zeventig
aan
en
zond
hen
twee
aan
twee
voor
zich
uit
naar
alle
steden
en
plaatsen
waar
Hij
zelf
komen
zou.
Wat
was
het
resultaat
van
hun
pogingen?
Zij
keerden
met
blijdschap
weder,
zeggende:
“Here,
zelfs
de
duivelen
waren
aan
ons
onderworpen
door
Uw
naam.”
Luc.10:1,17.
Zij
waren
verbonden
met
de
Bron
van
Kracht,
het
ware
Licht
der
wereld
en
succes
begeleidde
hen.
Evenals
de
apostelen
«ontvingen
zij
bovennatuurlijke
gaven
als
een
zegel
van
hun
opdracht.»
MH
94.
Anderen
hebben
gezegd,
dat
deze
zeventig
versieringen
de
toegewijde
gemeenteleden
verzinnebeelden,
wier
harten
van
ijver
branden
om
de
toorts
van
de
waarheid
omhoog
te
houden,
opdat
iemands
voet
geleid
mag
worden
te
wandelen
in
‘HET
PAD
NAAR
DE
TROON
VAN
GOD’.
En
waarom
niet?
Verzinnebeeld
de
kandelaar
niet
de
gehele
kerk
in
getrouwe
dienst?
De
eerste
zeventig
oudsten
werden
aangewezen
toen
het
verbond
met
God
op
de
Sinaď
werd
gesloten
(Ex.24:1,9).
Zij
waren
de
hoofdvertegenwoordigers
van
de
stammen;
zij
blonken
uit
in
onkreukbaarheid
en
oprechtheid.
Later
werden
zij
de
speciale
assistenten
van
Mozes
in
zijn
zware
en
moeilijke
werk.
Toen
zij
werden
aangewezen
daalde
de
Here
af
in
een
wolk
en
nam
een
deel
van
de
Geest
die
op
Mozes
was
en
gaf
haar
aan
de
zeventig
(Num.11:14,16,17,25).
Hun
gezag
strekte
zich
uit
tot
alle
zaken
betreffende
het
openbare
welzijn.
Zij
waren
een
soort
bestuurslichaam:
een
parlement.
Aan
hun
was
de
Geest
der
Profetie
toevertrouwd,
buitengewoon
scherpzinnig
in
de
ontdekking
van
het
verborgen
kwaad
en
het
oplossen
van
moeilijkheden
(Num.11:24-30).
joodse
schrijvers
zeggen
dat
dit
de
oorsprong
was
van
het
Sanhedrin,
het
opperste
gerechtshof
van
hun
volk.
Zuiver
goud
In
tegenstelling
tot
de
tafel
en
het
altaar
die
van
hout
gemaakt
en
met
goud
overtrokken
waren,
was
de
kandelaar
gemaakt
uit
één
stuk
massief
zuiver
goud
(PP
348E;
PP
311N).
Zijn
schacht
en
zijn
takken,
zijn
kelken,
knoppen
en
zijn
bloesems,
maar
ook
zijn
snuiters
en
doofschalen
waren
van
zuiver