•11Wie onrecht doet,
hij doe nog meer onrecht; wie vuil is,
hij worde nog vuiler; wie rechtvaardig is, hij
bewijze nog meer rechtvaardigheid; wie heilig is, hij worde nog meer geheiligd.
•12Zie,
Ik kom spoedig en mijn loon is bij Mij om een
ieder te vergelden, naardat zijn werk is.