|
Samen
aan één tafel blijft pijnlijk voor de kardinaal
van onze TROUW-redactie religie en filosofie
2002-01-19
AMSTERDAM - Intercommunie, het gezamenlijk
deelnemen van protestanten en katholieken aan eucharistie en
avondmaal, is een van de grootste knelpunten van de oecumene in
Nederland. Ook de Charta Oecumenica, een handvest voor groeiende
samenwerking tussen de kerken in Europa, voorziet niet direct in een
antwoord op deze onderlinge spanning.
Dat
zei kardinaal Simonis gistermiddag te Utrecht in zijn Oecumenelezing
2002. Hij kan zich voorstellen dat mensen ongeduldig worden en
ontmoedigd raken als het einddoel van de oecumene -herstel van de
volledige gemeenschap in eucharistie en ambtelijke erkenning- steeds
maar buiten bereik blijven. Van de andere kant is het volgens hem ook
een kwestie van eerlijkheid tegenover elkaar om geen eenheid voor te
wenden die niet werkelijk bestaat. Simonis verheelde niet dat er
binnen zijn eigen kerk verschil van opvatting bestaat over
mogelijkheden en grenzen van de oecumene.
Hij
wees erop dat de kerken de afgelopen decennia op een aantal punten wél
nader tot elkaar zijn gekomen. De wederzijdse dooperkenning in de
jaren zestig van de vorige eeuw is daar een voorbeeld van. Ook
besloten ze tot pastorale samenwerking bij het sluiten van gemengde
huwelijken. In de gesprekken over heikele zaken als het ambt, de
eucharistie en de visie op de kerk is in de jaren zeventig veel
vooruitgang geboekt op weg naar volledige gemeenschap, aldus Simonis.
Mede sprekend namens de collega-bisschoppen zei de kardinaal dat ook
op die punten nog verschillen in geloofsopvatting overwonnen moeten
worden.
De
teleurstelling over het uitblijven van overeenstemming tussen de
kerken over intercommunie en ambt heeft er mede toe geleid dat de
interesse in de oecumene afneemt. Menigeen verklaart de oecumene dood.
,,Dit mag niet gebeuren'', stelde Simonis. Om de moedeloosheid het
hoofd te bieden hebben protestanten, rooms-katholieken en orthodoxen
in Europa vorig jaar de Charta Oecumenica ondertekend. De kardinaal
sprak de hoop en verwachting uit dat dit stuk ook zal bijdragen aan
meer samenwerking en eensgezindheid van kerken en individuele
christenen in Nederland.
De
kardinaal noemde het handvest een voortreffelijk uitgangspunt om de
oecumene nieuw leven in te blazen. Het moet de kerken inspireren om
samen, in woord en daad, het evangelie te verkondigen, als tegenwicht
tegen de voortschrijdende secularisatie. Simonis vindt het ook
belangrijk dat de Europese kerken gezamenlijk hun stem laten horen
over actuele politieke, maatschappelijke en culturele vraagstukken. In
ons land verdienen asielbeleid en interreligieuze dialoog speciale
aandacht.
Ook
pleitte de kardinaal ervoor het gesprek over de fundamentele waarden
die van belang zijn voor een 'gezonde' samenleving, samen met het
ethisch beraad over begin en einde van het menselijk leven hoger op de
oecumenische agenda te plaatsen. ,,Op dit terrein is er voor de kerken
in ons land veel belangrijk werk te doen'', meende hij.
De
Oecumenelezing, die de Raad van kerken in Nederland sinds 1997
jaarlijks organiseert, is bedoeld als een bezinning op de fundamenten
van de oecumenische beweging en als inspiratie om de moed erin te
houden.
Uit: TROUW 19 januari 2002
|