You are - home - agp news - Nederlands Index

Vaticaan: 'broederlijk samen' met evangelischen

VATICAANSTAD - Rooms-katholieken en evangelischen moeten op "het zendingsveld'' niet langer als concurrenten tegenover elkaar staan, maar "broederlijk'' samenwerken. Dat vindt Juan Usma Gomez, een Colombiaanse priester die lid is van de pauselijke raad voor betrekkingen met evangelischen. Evangelische zendingsorganisaties reageerden geschokt op zijn opmerkingen.

In de Vaticaanse krant Osservatore Romano schrijft Usma dat katholieken en evangelischen een proces van "berouw en inkeer'' moeten beginnen waarbij beide partijen moeten streven naar "eenheid in liefde en waarheid''. De samenwerking zou verder moeten gaan dan het leven als goede buren naast elkaar, vindt Usma.

In Duitsland heeft de oproep onder evangelische zendingsorganisaties veel kritiek opgeroepen, meldt het persbureau Idea. "Zijn woorden klinken in mijn oren als hoon'', zegt Jürgen Sachs, leider van de Duitse Pioniersmissie onder Indianen (DIPM). Zijn organisatie werkt onder indianen in Brazilië en Paraguay. "De sterkste tegenstand tegen ons werk kwam van een rooms-katholieke hulporganisatie'', aldus Sachs.

Geweld

Ook Martin Auch van de Liebenzeller Mission, die veel in Ecuador werkt, is verbaasd. In dat land is op papier 94 procent van de bevolking rooms-katholiek. "Op het platteland is het herhaaldelijk voorgekomen dat deelnemers van huisbijbelkringen en evangelische kerken te maken kregen met geweld van katholieke zijde'', zegt Auch. De oproep van de Vaticaanse vertegenwoordiger bevreemdt Auch des te meer omdat organen van de Rooms-Katholieke Kerk in Ecuador via radio en tv zich voortdurend tegen de evangelischen richten.

Niveaus

"Achterdocht tegen Usma is niet nodig'', zegt drs. H. Zegwaart die verbonden is aan de Azusa Hogeschool in Amsterdam. Hij is een van de deelnemers van de dialoog tussen de pinksterbeweging en de Rooms-Katholieke Kerk. "Usma is daar ook lid van. Hij is erg in de pinksterbeweging geïnteresseerd, ik kom hem geregeld op onze conferenties tegen.''

Als Usma de term 'samenwerking' gebruikt, moet je er volgens Zegwaart rekening mee houden dat er verschillende niveaus van samenwerking zijn. "Wij kunnen ons meestal vinden in rooms-katholieke ethisch-morele standpunten. Maar op veel andere gebieden kunnen we niet met rooms-katholieken samenwerken. Het hoogste niveau is voor Rome inderdaad samenwerking onder hun paraplu, maar er zijn ook heel andere vormen die lang zo ver niet gaan.''

Enkele jaren geleden hebben de deelnemers aan de dialoog - die daar overigens op persoonlijke titel aan meedoen - een gemeenschappelijke verklaring ondertekend. "Daarin zijn afspraken gemaakt op het gebied van evangelisatie, proselytisme ('zieltjes winnen', red.) en samenwerking. In het kader van die verklaring kan ik Usma's uitspraken goed plaatsen.''

Zegwaart erkent dat de verhouding tussen pinksterchristenen en rooms-katholieken in Latijns Amerika niet ideaal is. "Maar dat kun je Usma beslist niet aanrekenen. Op dat punt moet er ook aan rooms-katholieke zijde nog heel wat verbeteren.''
Bron: Nederlands Dagblad


Peter Scheele: stoppen met 'evangelie te verkondigen'

UTRECHT - Christenen moeten stoppen met 'het evangelie te verkondigen'. De term 'evangelie' is voor de moderne mens onbegrijpelijk en moet dus worden vermeden. 'Verkondigen' duidt op eenrichtingsverkeer, en dat is als communicatievorm eveneens achterhaald, zei evangelist Peter Scheele zaterdag in de Utrechtse Jeruzalemkerk.

"Wij zijn opgevoed in de tijd van het Woord verkondigen: ik praat, jullie luisteren. Dat kan niet meer in onze huidige samenleving. Dat moet veranderen'', aldus Scheele op de jaarlijkse diaconale conferentie van de Nederlands Gereformeerde Kerken. "We moeten afdalen naar het persoonlijke niveau, en een-op-een met mensen in gesprek zien te raken. We moeten de boodschap van Jezus vertalen naar individuen, en hen die zelf laten ontdekken.''

De Eindhovense evangelist is onder meer bekend van verschillend tv-programma's bij de Evangelische Omroep. Hij wees de diakenen erop dat de tijd veranderd is. "Ik spreek wel van de 'religieuze supermarkt' waarin wij tegenwoordig leven. Mensen willen zich niet meer binden aan één geloof, maar shoppen bij allerlei religies hun eigen geloof bij elkaar.''

Christenen kunnen dat heel raar vinden, maar dat moeten zij volgens Scheele niet laten merken. "Er zijn mensen die iets uit het christendom, het boeddhisme en het taoïsme hun eigen geloof samenstellen. Wij vinden dat dat niet kan. Net zoals je iemand bij de supermarkt tegenkomt die met macaroni, pindakaas en leverworst een maaltijd wil samenstellen. Dat kan ook niet.'' Alles hangt er echter vanaf hoe een christen zo'n shoppende ongelovige benadert. "Je kunt hem erop wijzen dat hij fout zit en dat hij eigenlijk gehakt en macaronimix moet kopen, in plaats van leverworst en pindakaas. Daarmee roep je waarschijnlijk alleen maar wrevel, of zelfs agressie op. Je kunt er ook voor kiezen om een aanknopingspunt te vinden, en daarop verder te borduren. 'Hé, ik zie dat je macaroni hebt gekocht. Lekker zeg, dat heb ik vorige week ook op. Dat moet je eigenlijk eens proberen met macaronimix.' Het gevaar is aanwezig dat mensen zo'n advies in de wind slaan. Maar dat is beter dan dat je ze meteen van je vervreemdt door ze te vertellen wat zij wel en niet mogen.''

De lijn doortrekkend naar evangelisatie, kwam Scheele tot het devies: "Niet: 'ik vertel jou wat je moet doen', maar: 'ik ga jou helpen zelf Jezus te ontdekken'.'' Hij noemde dat zaterdag een nieuwe visie op geloofsoverdracht. Gerichte vragen stellen neemt daarin de plaats in van preken.

Bovendien: hoe verder mensen afstaan van het geloof, hoe belangrijker voor hen de boodschapper wordt, ten opzichte van zijn boodschap, meende Scheele. "Als jij een vervelend persoon bent om mee te praten, dan bereik je sowieso niemand. De boodschap is daarmee niet onbelangrijk geworden. Integendeel zelfs: hoe beter de mensen jou leren kennen, hoe meer de nadruk zal verschuiven van jouw persoon naar die van Jezus.''

De dag stond in het teken van normen en waarden, toegepast op het gereformeerde gedachtegoed. De Nederlands-gereformeerde predikant Paul Kurpershoek uit Groningen ging daar, in aanvulling op de praktische uitwerking van Scheele, inhoudelijk op in. Hij haakte aan bij het begrip 'waarde' door te onthullen dat hij bij grote uitgaven nog steeds denkt in guldens, in plaats van in euro's. "De waarde van euro's komt bij mij pas tot zijn recht als ik in guldens denk. Dat is een vaste waarde, waarmee ik kan vergelijken.'' Hij gebruikte dat voorbeeld om aan te geven dat voor de meeste mensen de waarden vastliggen, maar dat de daaruit voortvloeiende normen gemakkelijker ter discussie komen te staan. Uit een kleine inventarisatie in de zaal bleek dat vooral normen als 'niet kopen of op vakantie gaan op zondag' en 'geen televisie kijken' voor steeds meer mensen normaal wordt, terwijl dit tien jaar geleden nog 'not done' was. Daaruit blijkt volgens Kurpershoek dat mensen normatief andere keuzes maken, terwijl achterliggende waarden als trouw, liefde, gerechtigheid en gehoorzaamheid heus niet zijn veranderd. "De vormen en normen kunnen veranderen, maar de waarden die daaronder liggen, die God daaronder heeft gelegd, staan zo vast als een huis.''

De opkomst van de diaconale conferentie viel met zo'n vijftig bezoekers nogal tegen. Organisator Frans van Egmond weet dat aan organisatorische problemen. Normaal gesproken vindt deze jaarlijkse bijeenkomst altijd in oktober plaats, maar dit keer lukte het niet de sprekers op tijd te boeken. Vandaar dat de conferentie werd uitgesteld naar februari. "Dit is de conferentie van grijze haren'', zei hij. "Ik zal niet uitleggen wat voor moeilijkheden er allemaal zijn geweest, maar we hebben er grijze haren van gekregen, dat kan ik u verzekeren.''
Bron: Nederlands Dagblad


Aantal christenen in Afghanistan sterk gegroeid

KABUL - Het aantal christenen in Afghanistan is sinds de val van het Taliban-regime sterk gegroeid. Veel teruggekeerde vluchtelingen zijn in het buitenland in aanraking gekomen met christenen.

Dat berichten Amerikaanse christelijke ontwikkelingshelpers. Precieze aantallen zijn moeilijk te geven, omdat de christenen elkaar vaak in het geheim ontmoeten. In het islamitische land kan de overgang naar het christendom tot uitsluiting door de familie of bedreiging met moord leiden.
Veel van de bijna 2 miljoen teruggekeerde vluchtelingen hebben in het buitenland kennisgenomen van het christelijk geloof. "De Afghanen zoeken iets nieuws. Zij weten dat zij niet verder met het oude leven kunnen", verklaart een ontwikkelingshelper (die anoniem wil blijven) de nieuwe openheid voor het christelijk geloof.
Voordat het Taliban-regime aantrad, waren onder de 22,7 miljoen Afghanen ongeveer 3000 christenen (0,02 procent) en 22,2 miljoen moslims (98 procent). Veel christenen zijn tijdens het Taliban-regime naar het buitenland gevlucht.
Bron: Reformatorsch Dagblad

Website statistieken